Wat doet een arbeidsdeskundige? In een spoor 2-traject onderzoekt en beschrijft de arbeidsdeskundige welke arbeid nog passend kan zijn als terugkeer in de eigen functie niet haalbaar lijkt. Dat gebeurt op basis van belastbaarheid, functie-eisen en de mogelijkheden binnen en buiten de organisatie. De uitkomst helpt werkgever en werknemer om re-integratiestappen te onderbouwen richting UWV en om gericht te zoeken naar passend werk.
Wat doet een arbeidsdeskundige in de praktijk? De arbeidsdeskundige vertaalt medische beperkingen niet zelf, maar zet de door de bedrijfsarts vastgestelde belastbaarheid om naar arbeidsmogelijkheden. Daarbij kijkt hij naar taken, werkomstandigheden, werktijden en randvoorwaarden zoals reistijd of prikkelbelasting. Zo ontstaat een realistisch beeld van wat iemand wél kan, in plaats van alleen wat niet meer lukt.
Wat doet een arbeidsdeskundige daarnaast in spoor 2? Hij beoordeelt eerst of werkhervatting in spoor 1 (binnen de eigen organisatie) nog kansrijk is, bijvoorbeeld via aangepaste taken of een andere passende functie. Als dat onvoldoende perspectief biedt, onderbouwt hij waarom spoor 2 logisch is en welke richting kansrijk is. Die onderbouwing is belangrijk voor de re-integratie-inspanningen die UWV later beoordeelt.
In veel dossiers is de arbeidsdeskundige ook de schakel tussen verschillende rollen. Hij stemt af met de bedrijfsarts, HR, leidinggevende en soms een casemanager verzuim, zodat afspraken uitvoerbaar zijn en het dossier consistent blijft. Het gaat dan niet om therapie of coaching, maar om een objectieve arbeidskundige analyse.
Wat doet een arbeidsdeskundige met informatie uit de medische hoek? Hij werkt met de door de bedrijfsarts beschreven beperkingen en mogelijkheden, vaak vastgelegd in een functionele mogelijkhedenlijst (FML). Een FML is een gestructureerde lijst met belastbaarheid op onderdelen zoals tillen, concentreren, samenwerken of werktijden. De arbeidsdeskundige gebruikt die input om functies en werkzaamheden te toetsen op passendheid.
Wat doet een arbeidsdeskundige vervolgens met het werkbeeld? Hij analyseert de eigen functie (taakanalyse) en vergelijkt die met de belastbaarheid. Als de eigen functie niet passend is, brengt hij alternatieven in kaart, eerst intern en daarna extern. In spoor 2 wordt dat vaak vastgelegd in een arbeidsdeskundig onderzoek, waarin helder staat welke opties zijn onderzocht en waarom bepaalde routes wel of niet passend zijn.
Omdat UWV bij een WIA-aanvraag het re-integratieverslag beoordeelt, moet de redenering navolgbaar zijn. De arbeidsdeskundige helpt daarom om keuzes te onderbouwen: waarom spoor 2 is gestart, waarom bepaalde functies zijn afgevallen en welke stappen logisch zijn gezet. Dat sluit aan op wat UWV later bekijkt bij de WIA-beoordeling door UWV.
Wat doet een arbeidsdeskundige anders dan de bedrijfsarts? De bedrijfsarts beoordeelt gezondheid en belastbaarheid en adviseert medisch over wat verantwoord is. De arbeidsdeskundige beoordeelt vervolgens arbeidskundig wat passend is binnen die belastbaarheid, in concrete werkzaamheden en functies. Daardoor vullen de rollen elkaar aan, maar ze zijn niet uitwisselbaar.
Wat doet een arbeidsdeskundige wanneer er discussie is over passend werk? Hij maakt het gesprek concreet door werk te beschrijven in taken en voorwaarden, in plaats van in functietitels. Dat voorkomt misverstanden, bijvoorbeeld wanneer “administratief werk” in de praktijk veel deadlines, telefoondrukte of langdurig zitten bevat. In veel organisaties helpt een duidelijke rolverdeling zoals beschreven bij bedrijfsarts versus arbeidsdeskundige om tempo te houden en ruis te voorkomen.
In spoor 2 is die afbakening extra relevant, omdat het traject vaak naast herstel en opbouw loopt. De bedrijfsarts bewaakt de medische grenzen; de arbeidsdeskundige bewaakt de realistische vertaalslag naar werk. Zo blijft re-integratie gericht op duurzame inzetbaarheid.
Wat doet een arbeidsdeskundige als iemand niet terug kan naar de eigen functie? Stel: een werknemer in een logistieke rol kan door rugklachten niet meer tillen en niet lang staan. De bedrijfsarts geeft aan dat afwisseling mogelijk is, met beperkingen op tillen en een urenopbouw. De arbeidsdeskundige analyseert vervolgens het werk: hoeveel tilmomenten, hoeveel lopen, welke piekbelasting en welke alternatieven zijn er intern.
Wat doet een arbeidsdeskundige als intern weinig passend is? Dan onderbouwt hij dat spoor 2 nodig is en vertaalt hij de belastbaarheid naar kansrijke richtingen, bijvoorbeeld planning, orderadministratie of licht productiewerk met hulpmiddelen en aangepast tempo. In het re-integratie tweede spoor proces helpt die vertaalslag om niet te breed te zoeken, maar ook niet te snel opties af te schrijven.
In de uitvoering betekent dit dat het spoor 2-traject gericht wordt ingericht, vaak met begeleiding vanuit een gespecialiseerd bureau. Bij een re-integratie tweede spoor traject hoort dan een planmatige aanpak: profiel, zoekrichting, benadering van werkgevers en het vastleggen van inspanningen. De arbeidsdeskundige blijft daarbij een belangrijke bron voor toetsing: past dit werk echt bij de belastbaarheid, en is dat ook goed uit te leggen in het dossier?
"Dankzij Care4Careers heb ik de juiste carrièrestap kunnen zetten. Hun persoonlijke aanpak en kennis van de regionale arbeidsmarkt maakten echt het verschil."
Hoofdkantoor
Care4Careers B.V.
2801 ND Gouda
Achter de Vismarkt 78
Sales & Post Office
Eigenhaardweg 8
7811 LR Emmen
De lokale vestigingen zijn in:
- Amsterdam
- Breda
- Eindhoven
- Emmen
- ’s Gravenhage
- Gouda
- Groningen
- Hengelo
- Leeuwarden
- Maastricht
- Nijmegen
- Rotterdam
- Utrecht
- Vlissingen
- Zwolle
Afspraak maken op een van onze vestigingen?
Neem contact op met ons hoofdkantoor.